09u030

Vakintegratie taal en muziek: praktijkvoorbeelden op student- en leerlingniveau

Taal ontwikkelen bij alle vakken, meer muziek in de klas en ontwerpend leren. Deze drie elementen vormden het uitgangspunt van deze workshop waarin vakintegratie een belangrijke rol speelt. De verschillende niveaus van vakintegratie en een aantal concrete voorbeelden van integratie muziek en taal worden belicht. De voorbeelden zijn afkomstig van de lerarenopleiding basisonderwijs, gericht op studenten, maar zeker ook toepasbaar in de basisschool. Andere good practices kunnen een mooie aanvulling vormen in een gesprek over integratie muziek en taal!

Henriëtte op den Brouw & Marjo Schillings

09u30

Automatiseerbare spellingsregels ten dienste van het schrijfonderwijs

Veel docenten aan de universiteit, in Vlaanderen en Nederland, stellen al lange tijd vast dat de schrijfvaardigheid van veel studenten erop achteruitgaat. Er zijn geen PI-SA-metingen van schrijfvaardigheid maar wellicht zouden we daar een even slechte beurt maken als voor begrijpend lezen en leesplezier. Een correlatie tussen lezen en schrijven lijkt voorspelbaar, aangezien we leren schrijven door veel te lezen, via een vorm van impliciet leren. Daarom moeten we zo vroeg mogelijk inzetten op schrijfonderwijs en zoveel mogelijk ruimte vrijmaken voor begrijpelijk schrijven, de tegenhanger van begrijpend lezen. Het technische aspect van schrijven, m.n. de spelling, moet daarbij zo weinig mogelijk het werkgeheugen van schrijvers belasten. Zwakke én sterke spellers zullen er voordeel bij hebben als die spellingregels geautomatiseerd kunnen worden. Alle onderzoek demonstreert dat de spellingsregels voor de werkwoorden dat niet zijn. Daarom vormen ze één horde op de weg naar vlot schrijven. Door de stigmatisering van de fouten dragen ze bovendien bij tot een gebrek aan schrijf-plezier.

Dominiek Sandra

09u30

Constructing Age For Young Readers – Een digitale zoektocht naar ideeën over leeftijd in jeugdboeken

In deze sessie laten Vanessa Joosen en Wouter Haverals hun licht schijnen op “age studies”, de studie van leeftijd in onder andere cultuur en literatuur. Meer bepaald schenken zij aandacht aan de manier waarop leeftijd in jeugdliteratuur vorm krijgt. Hoe beschrijven auteurs van jeugdboeken personages uit verschillende leeftijdscategorieën? Welke talige kenmerken worden daarbij benut? Hoe passen ze zich aan aan de doelgroep? Hoe verschilt de representatie van leeftijd in jeugdboeken met die in volwassen-romans? En bovenal: welke ideeën over leeftijd komen in jeugdboeken bovendrijven?

Deze en andere vragen staan centraal in het onderzoeksproject Constructing Age For Young Readers – kortweg: CAFYR. Met behulp van digitale tools onderzoeken de teamleden van dit project de constructie van leeftijd in een omvangrijk corpus jeugdboeken en volwassenromans. Tijdens de sessie zal er ingegaan worden op het samenspel van “age studies” en “digital humanities” en zullen tevens de eerste resultaten worden voorgesteld. Ze laten zien hoe leerlingen en leerkrachten ook met gebruiksvriendelijke en gratis beschikbare online tools, zoals Antconc en Voyant Tools, aan de slag kunnen gaan om literatuur (of hun eigen teksten) te analyseren.

Vanessa Joosen & Wouter Haverals

09u30

De zin en onzin van talige startscreenings: een academische woordenschat en leesvaar-digheidstest als voorspeller van studiesucces

In deze presentatie worden praktische implicaties toegelicht van een validiteitstudie van een academische taalscreening in het eerste jaar aan de universiteit die focust op academische woordenschat en leesvaardigheid. De resultaten tonen dat de screening relatief gemakkelijk is voor de instromers en dat ze een kleine, maar significante voorspeller is van studiesucces op korte termijn (studierendement) en op langere termijn (het behalen van een bachelordiploma). Uit onze studie blijkt dat screenings met representatief taal-materiaal interessant kunnen zijn als vroeg waarschuwingssignaal, maar zeker geen te groot gewicht mogen krijgen binnen het instroombeleid omdat er heel wat ruis op het verband met studieresultaten zit. Een belangrijke bevinding is wel dat academische taalvaardigheid duidelijk samenhangt met de achtergrondkenmerken van studenten, voornamelijk hun schoolse achtergrond. Inzetten op academische woordenschat en leesvaardigheid kan voor deze studenten hun kansen op succes in hun universitaire studies mogelijk verhogen.

Jordi Heeren

09u30

Doorbreek de schoolmuren en lees mee!

In Atheneum Herzele werden muren letterlijk doorbroken om het curriculum te flexibiliseren. In die vernieuwde, flexibele ruimte kunnen leerlingen nu dagelijks lezen, ingebed in de LIST-didactiek. De leerlingen vinden hun gading in een inspirerend boekenaanbod en aantrekkelijke leeszones, dankzij een geslaagde samenwerking met de lokale bibliotheek. Leerlingen boeken daardoor lees- en leerwinst, met zichtbare resultaten en effecten. Doorbreek de muren en lees mee!

Sofie Moerenhout

09u30

Kansrijk omgaan met meertaligheid in onderwijspraktijk en opleiding

Meertaligheid is een feit in de Nederlandse samenleving en daarmee in het onderwijs. Hoewel theorie en onderzoek wijzen op de voordelen van het erkennen en benutten van de meertalige repertoires van leerlingen, staan er in de onderwijspraktijk ‘hekjes’ om talen. Ten eerste worden andere thuistalen zoveel mogelijk buiten de schoolmuren gehouden, vanuit het idee dat ze eerder een belemmering voor schoolsucces vormen dan een verrijking. Ten tweede wordt in het talenonderwijs nauwelijks doelgericht voortgebouwd op al aanwezige kennis van andere (thuis- en/of vreemde) talen. Ook voor het ontwikkelen van een open houding ten aanzien van taaldiversiteit is weinig systematische aandacht. In deze interactieve bijdrage staan we onder andere stil bij de volgende vragen: Waar liggen de oorzaken van dit eentalige model? Welke kansen laten we in zo’n benadering liggen? Hoe kun je als student, docent Nederlands (in opleiding) de talige rijkdom die in je klas aanwezig is positief en doelgericht benaderen? En tot slot: hoe kunnen lerarenopleidingen hun studenten de handvatten bieden die ze daarvoor nodig hebben?

Catherine van Beuningen

09u30

Literatuuronderwijs in secundaire scholen van de Vlaamse en de Franse gemeenschap: twee gescheiden werelden

Uit de PISA-resultaten blijkt dat leerlingen uit de Vlaamse Gemeenschap tot nog toe systematisch hoger scoren dan die uit de Franse Gemeenschap, ook als het gaat over vragen in verband met literatuur en interpretatie. Dit vormde voor Pierre Outers (ULiège) de aanleiding om zijn doctoraatsonderzoek te wijden aan een diepgaande vergelijking tussen het literatuuronderwijs in de moedertaal in middelbare scholen van de Franse Gemeenschap ten opzichte van die van de Vlaamse Gemeenschap. Daaruit blijkt nu al dat het daarbij om totaal verschillende manieren van denken over literatuur in het onderwijs gaat, visies en praktijken die in de andere landshelft niet tot nauwelijks bekend zijn, en toch elkaar positief zouden kunnen beïnvloeden. In onze presentatie zullen wij de achtergronden schetsen waarop een en ander is gestoeld, en ingaan op de eerste resultaten van het onderzoek wat betreft de praktijk van het literatuuronderwijs in de respectieve gemeenschappen.

Youri Desplenter & Pierre Outers

09u30

Mythes rond vreemdetaalverwerving onderzocht: geïntegreerd werken aan taalvaar-dighden, onderzoekscompetenties en taalbeschouwelijke inzichten

Klopt het dat leerlingen vreemde talen veel beter gaan beheersen als we er in onderwijs vroeg genoeg mee beginnen? Is CLIL-onderwijs, waarbij aan taalcompetenties wordt gewerkt binnen niet-taalvakken, de meest effectieve manier om vreemde talen te onderwijzen? En lijdt de kennis en vaardigheid in de algemene instructietaal, het Nederlands, daar dan niet onder?
In deze sessie bevragen we enkele veelvoorkomende veronderstellingen rond vreemdetalenonderwijs. We bieden inspiratie voor een lessenreeks Nederlands waarin leerlingen hetzelfde kunnen doen aan de hand van recent onderwijsonderzoek rond dit thema. Door hen te laten kennismaken met belangrijke bouwstenen voor taalverwerving en die kennis te laten inzetten om oplossingen te suggereren voor bestaande onderwijsvragen, zet je tegelijkertijd en op niveau in op kennis, vaardigheden en attitudes.

Hannelore Hooft & Saartje Gobyn

09u30

Schrijven op basis van bronnen: inzicht in het schrijfproces voor een synthesetekst

Het schrijven van een synthesetekst is een vorm van brongebaseerd schrijven. Studenten lezen verschillende bronteksten en brengen de informatie uit de bronnen samen in een samenhangende en overkoepelende tekst. Het is een cognitief veeleisende taak die lees- en schrijfactiviteiten combineert.
We bespreken in deze presentatie de link tussen verschillende aspecten van het schrijfproces en de kwaliteit van de synthesetekst: brongebruik, schrijfvlotheid, pauzeergedrag, en revisie. We baseren ons hiervoor op onderzoek op basis van toetsregistraties uitgevoerd bij Nederlandse leerlingen uit de bovenbouw van het secundair en Vlaamse masterstudenten. De leerlingen uit het secundair schreven syntheseteksten in het Nederlands; de masterstudenten schreven teksten in het Nederlands en in een vreemde taal (Frans, Engels, Spaans).

Nina Vandermeulen & Sarah Bernolet

09u30

Werken met rijke teksten

Om het leesbegrip van leerlingen te verhogen is het van belang om in de klas te werken met rijke teksten. Rijke teksten zijn authentieke teksten met een afwisselend taalgebruik en een heldere structuur. Ze zijn niet vereenvoudigd, en sluiten bovendien aan bij de belevingswereld van de leerlingen. De Taalunie werkt aan de digitale ontsluiting van een selectie rijke teksten, voorzien van didactische handreikingen. Daarmee willen we leraren en lerarenopleiders een aanbod bieden van rijke teksten waarmee zij hun leesonderwijs vorm kunnen geven. Tijdens deze workshop geven wij voorbeelden van rijke teksten, vertellen we waarom het zo belangrijk is om met rijke teksten te werken, en laten we zien hoe je met rijke teksten aan de slag kunt gaan in de klas.

Carlijn Pereira & Heleen Rijckaert

10u30

De kennisbasis Nederlands (pabo) tot leven: taalme.nu.

In december 2018 is de kennisbasis Nederlandse taal (pabo) herzien. Uit een inventarisatie onder de leden van LOPON blijkt dat veel pabo’s in Nederland gebruikmaken van de website www.lesintaal.nl om de kennisbasisbegrippen aan hun studenten te leren. Met de herziening van de kennisbasis, was deze website -onder beheer van het Expertisecentrum Nederlands- echter niet meer actueel. Het Expertisecentrum gaf kort na publicatie van de herijkte kennisbasis aan de website niet meer te updaten; een probleem, maar ook een kans was geboren.
Het Expertisecentrum gaf op haar website aan tot doel te hebben “de kennisbasis Nederlands voor de pabo toegankelijk te maken voor pabostudenten en aan de hand van beelden deze kennisbasis tot leven te wekken”. Uit eerdergenoemde inventarisatie en interviews met studenten bleek dat dit doel niet meer werd bereikt. Er werden verschillende wensen uitgesproken, waaronder een betere relatie met de onderwijspraktijk, meer ruimte voor verbinding met actuele (wetenschappelijke) inzichten en een rijker palet aan voorbeelden. Het platform bleek ‘te plat’ voor de wens; alleen een inhoudelijke update zou dan ook niet voldoende zijn geweest.
Het besluit viel om tot een platform in eigen beheer van lerarenopleiders te komen: Taalme.nu. Dit maakt het mogelijk om updates (nieuw materiaal, wetenschappelijke inzichten, doorontwikkeling kennisbasis, etc.) tijdig te doen. Taalme.nu heeft tot doel de kennisbasisbegrippen niet alleen uit te leggen, maar ook te semantiseren door uit te beelden én uit te breiden (de drie uitjes). Het ‘tot leven wekken’ van de kennisbasis kan alleen in gezamenlijkheid. De presentatie zal ingaan op de voortgang en de toepassingsmogelijkheden van Taalme.nu, waarna we het gesprek zullen voeren over het door-ontwikkelperspectief en de samenwerkingsmogelijkheden tussen lerarenopleidingen basisonderwijs onderling.

Marlies van Hofwegen & Nick de Vos

10u30

De ontwikkeling van een gedragen leesbeleid

De laatste jaren is de nood aan krachtig begrijpend leesonderwijs belangrijker gebleken dan ooit, maar hoe kan je hieraan werken in de praktijk? Hoe bouw je als school aan krachtig begrijpend leesonderwijs? Wat zijn de voornaamste succesfactoren?

Uit onderzoek weten we dat goed leesonderwijs niet bestaat uit losse acties, maar dat acties samen een krachtig en gedragen leesbeleid vormen. Tijdens deze sessie verbinden we daarom inzichten uit recent onderzoek naar taalbeleid met het opbouwen van een gedragen leesbeleid waarin werken aan begrijpend leesvaardigheid centraal staat, maar we tegelijk ook het leerlingniveau overstijgen.

We baseren ons tijdens deze sessie op recent onderzoek naar taalbeleid en praktijkvoorbeelden uit onze werking als onderwijsondersteuners binnen verschillende projecten rond begrijpend lezen en taalbeleidstrajecten.

Sue Goossens & Siel Vienne

10u30

Een klas vol Europeanen? Wat literatuur ons vertelt over onze identiteit.

Corona, Brexit, opkomend nationalisme, klimaatopwarming, migratie, bankencrisis,… wie de media volgt wordt dagelijks geconfronteerd met maatschappelijke problemen waarin Europa een belangrijke rol speelt. Welk beeld van ons continent krijg je als lezer van Nederlandstalige romans, verhalen, gedichten en essays? Sijpelt die actualiteit hier-in door? En welke rol zien literaire auteurs weggelegd voor Europa?
In deze sessie worden een paar suggesties gedaan om met leerlingen via literatuur aan de slag te gaan rond actuele thema’s als identiteit, nationalisme en kosmopolitisme. We doen dit aan de hand van Grote Europese roman door Koen Peeters. Wat is typisch voor de afzonderlijke Europese staten? En wat hebben alle Europeanen gemeenschappelijk? Aan het eind van de sessie volgen nog wat verdere leestips.

Gwennie Debergh

10u30

Leerlingen laten redeneren over historische literatuur. Een redeneerdidactiek voor De donkere kamer van Damokles.

Hoe behandel je historische teksten in de klas op een manier die motiveert? In haar promotieonderzoek voert Renate van Keulen een ontwerponderzoek uit naar een digitale gamedidactiek voor historische literatuur. Een van de vakdidactische uitgangspunten van de te ontwikkelen game is dat er gebruik gemaakt wordt van een didactiek die leerlingen uitdaagt om met behulp van een historische tekst en diverse ‘hulpbronnen’ te redeneren over historische literatuur. De redeneringen leiden ertoe dat de leerlingen inzichten opdoen over de tekst, de (historische) context ervan en hun eigen rol als lezer. In een pilotstudie hebben we een redeneerdidactiek ontwikkeld rondom de roman De donkere kamer van Damokles (1958). In onze workshop presenteren wij onze bevindingen en gaan wij in gesprek met de deelnemers over de mogelijkheden en belemmeringen van een redeneerdidactiek voor historische literatuur.

Sander Bax & Renate van Keulen

10u30

Maak een spel over je leesboek!

Spelletjes, wie houdt er niet van? Bij veel leerlingen valt het spelen van spellen in de smaak. Het maken van spellen is dan ook een werkvorm die bruikbaar is voor het verwerken van bepaalde lesstof en die de creativiteit van leerlingen stimuleert. Dit kan ook naar aanleiding van jeugdliteratuur! In deze workshop wil ik laten zien hoe docenten gebruik kunnen maken van bepaalde spelvormen om leerlingen van 12 tot 15 jaar dieper te laten nadenken over hun leesboek. Daarnaast wordt er een combinatie gemaakt met meerdere onderdelen van het vak Nederlands, zoals schrijven en presenteren.

Carolien Koopman

10u30

Naar een inclusief en praktisch inzetbaar meertalig talenbeleid: een attitudeonderzoek bij universiteitsdocenten

De samenleving wordt diverser en ook aan de (hoger)onderwijsinstellingen neemt het aantal meertalige studenten ieder jaar toe. Om die toenemende instroom studenten voldoende te kunnen begeleiden en ondersteunen, zet de Universiteit sterk in op een inclusief talenbeleid. Maar bereikt dat beleid de praktijk? En in welke mate spelen de attitudes van de docenten zelf een rol?
In dit onderzoek onderzochten we hoe docenten staan tegenover meertalige studenten. We wilden ze achterhalen tot op welk niveau ze bereid waren om ondersteuning aan te bieden, en wanneer ze beslisten de verantwoordelijkheid door te schuiven. Die vaststellingen uit de praktijk koppelden we dan aan de verwachtingen die in het talenbeleid worden geschetst. Deze presentatie gaat ook in op de concrete acties die het UGent-talenbeleid opzette naar aanleiding van dit onderzoek.

Pauline Verhelst

10u30

Poëzie buiten het boek in de klas

De meeste mensen ervaren poëzie niet in bundels, maar buiten het boek. Ook in de klas kan non-boekpoëzie een belangrijke rol spelen. Dr. Kila van der Starre laat zien waarom en hoe je poëzie buiten het boek kunt inzetten in je onderwijs. Hoe kun je bijvoorbeeld Instagrampoëzie en straatpoëzie gebruiken in je les? En hoe voer je een goed gesprek over een gedicht?

Kila van der Starre

10u30

Taalbeschouwen met audiovisuele bronnen uit Het Archief voor Onderwijs

Over de definitie van taalbeschouwing lopen de meningen uiteen. Wij houden het op het nadenken over de vorm en betekenis van taal.
Dat kan op verschillende manieren en aan de hand van uiteenlopende bronnen. Ook audiovisuele bronnen kunnen een schat aan taalmateriaal bevatten om jouw studenten aan het denken en analyseren te zetten.
In deze workshop reiken we uitdagende video- en audiofragmenten aan vanop Het Archief voor Onderwijs en geven we mogelijke verwerkingsopdrachten mee. Op deze manier kijkt u samen met uw klas op een andere manier naar de structuur, de betekenis en de verschillende functies van taal.

*Het platform Het Archief voor Onderwijs is enkel toegankelijk voor Vlaamse leerkrachten, docenten en studenten uit de lerarenopleiding.

Frederik De Ridder

10u30

Vaardigheden in context: een nieuw curriculum

“Nederlands is saai?” Helaas blijkt dat toch vaker de mening van middelbarescholieren dan wij zouden willen! Op basis van de huidige stand van zaken rondom het schoolvak Nederlands hebben we kritisch gekeken naar ons eigen curriculum. Schooljaar 2021-2022 zijn wij gestart met een herindeling van het PTA waarbij de normaal gesproken vaak geïsoleerde vaardigheden nu samen, in een overkoepelende context, aan bod komen. Hierbij hebben we ons gebaseerd op de domeinen binnen de neerlandistiek. In deze workshop willen we ons plan presenteren, beargumenteren en de deelnemers uitdagen om zelf ook kritisch naar hun eigen PTA in de bovenbouw te kijken.
Leerlingen enthousiast maken voor taal en literatuur is toch allemaal ons doel. Wellicht dat een herziening van ons curriculum hierbij kan helpen!

Ramon Groenendijk & Irene Jansen

12u00

'Klankklaar voor de leesstart’?

Kaatje Klank is een evidence-based taalmethodiek mét professionaliseringstraject die op een speelse en doelgerichte manier de voorbereidende technische leesvaardigheden van 3- tot 6-jarige kleuters stimuleert. Kaatje Klank hanteert een systematische aanpak, met een leerlijn van de eerste tot de derde kleuterklas. Ze ondersteunt kwetsbare kinderen met een verhoogd risico op leesproblemen via een stapsgewijze opbouw in moeilijkheidsgraad van de klankbewustzijns- en letteractiviteiten, via afbouwende leerkrachtbegeleiding én met aandacht voor de (nog ontwikkelende) executieve functies van de kinderen.
Kaatje Klank werd uitgewerkt en uitgetest in diverse (Vlaamse) klascontexten in het kader van de PWO-onderzoeksprojecten ‘Spreken verfijnen in de kleuterklas1’ en ‘Klank Klaar voor de leesstart2 ’. We gaan na wat de kortetermijn- en langetermijneffecten zijn van de taalmethodiek en het bijhorende professionaliseringstraject. We focussen op de eerste, tweede en derde kleuterklas, én op de overgang naar het eerste leerjaar

Lieve Van Severen & Marlies Algoet

12u00

7 principes van taalkrachtig onderwijs in de praktijk getoetst

Het begon met een impulsieve beslissing: wat als ik als lerarenopleider onze eigen opleiding lager onderwijs zou volgen? Zou ik beter kunnen inschatten of wat ik verwacht van onze toekomstige leerkrachten basisonderwijs ook realistisch is? In welke mate verschilt mijn ideale klas van de werkelijkheid? Gewapend met de 7 principes van krachtig taalonderwijs trok ik de stageklas in. In deze workshop deel ik mijn bevindingen. Praktische lesvoorbeelden, levensechte ervaringen gekoppeld aan een theoretisch kader komen in deze workshop aan bod.

Brenda Froyen

12u00

De Nederlandse Liederenbank als tool voor lessen over Nederlandstalige volksliteratuur- en cultuur

Het lied is onlosmakelijk verbonden met de Vlaamse en Nederlandse volkscultuur. Door de eeuwen heen gingen duizenden liederen de ronde die van generatie op generatie mondeling werden doorgegeven en op schrift werden gesteld in zowel handschrift als gedrukte vorm. De Nederlandse Liederenbank is een online databank van het Meertens Instituut van Amsterdam, waarin intussen meer dan 175.000 liederen zijn ontsloten van de middeleeuwen tot de twintigste eeuw. Van het merendeel van de liederen zijn de volledige teksten, en soms ook de partituren en/of geluidsopnames raadpleegbaar. Ook zijn via links naar onder andere de DBNL vaak de hele bronnen beschikbaar. De Liederenbank vormt niet alleen voor academici, maar ook voor onderwijsdoeleinden een handig en toegankelijk werkinstrument om leerlingen op een laagdrempelige manier in contact te laten komen met onze volksliteratuur en -cultuur. Via de databank kan gezocht worden op onder andere trefwoord, liedtype en ook op rijmschema of melodie. Ook kunnen bronnen van en relaties tussen liederen worden blootgelegd. Het is tevens een instrument voor de studie van tekstgenese, met name, hoe evolueerde een liedtekst (door bv. orale overlevering) door de jaren heen? Deze en vele andere mogelijkheden van de Liederenbank worden in deze lezing onder het voetlicht gebracht.

Tine De Koninck

12u00

Dialogic literary argumentation: een inclusieve benadering voor het literatuuronderwijs

In de literatuurdidactiek worden verschillende benaderingen vaak onderscheiden naargelang de klemtoon op lezer, tekst, context of maatschappij ligt. Dit is een handige heuristische opdeling voor onderwijsonderzoek, maar als leidraad voor literatuuronderwijs is ze eerder artificieel en misleidend. Aangezien de kracht van literatuur net schuilt in haar meerlagigheid, lijkt het immers aangewezen om bij de benadering van literaire teksten in het onderwijs deze vier aspecten te combineren. In deze paper bespreek ik de methode van ‘dialogic literary argumentation’ als een inclusieve aanpak voor het literatuuronderwijs, waarbij de persoonlijke lezerservaring centraal staat, maar uitgediept wordt in een tekstgerichte analyse; en waarbij een discussie over de maatschappelijke relevantie van literaire teksten ook aandacht heeft voor cultureel verschil.

Elke D’hoker

12u00

Ik was bijna gestopt! Leren leren in NT2 levert onverwachte struikelblokken op.

Hoe kunnen nieuwkomers in het hbo in hun opleiding begeleid worden bij het leren stu-deren en participeren in de nieuwe onderwijscultuur van de opleiding?
Op de Hogeschool Utrecht volgt een kleine groep nieuwkomers een pre-bachelortraject (voorbereidend programma met een uitgebreid programma taalvaardigheid Nederlands, studievaardigheden, studieloopbaanbegeleiding en een sociaal-cultureel programma).
Daarna starten ze hun hbo-opleiding waar ze in een groep veelal een van de weinige studenten zijn met een andere moedertaal dan het Nederlands én leren in en leren van het Nederlands samen op gaan. Die overgang blijkt voor de studenten veel groter te zijn dan ze hadden verwacht en levert hen onverwachte struikelblokken op.
In deze presentatie delen we onze ervaringen en inzichten en die van de nieuwkomers, (NT2-) docenten en studentmentoren en gaan we daarover met deelnemers in gesprek.

Anneloes Spaan & José Beijer

12u00

Leren lezen door observeren!

‘Diep tekstbegrip’: leerlingen lijken niet gemakkelijk ertoe geneigd en het is moeilijk in de les Nederlands klassikaal centraal te stellen. Het gaat in de leesles vaak al snel niet meer over het leesproces, als wel (bijvoorbeeld) over de antwoorden van leerlingen op vragen bij teksten. Hoe kun je in de leesles meer het leerlingperspectief op het lezen van teksten meenemen? In onze bijdrage laten we zien hoe je met oogbewegingsfilmpjes (EMME’s) van lezende leerlingen klassikaal het proces achter ‘diep tekstbegrip’ centraal kunt stellen. We presenteren in onze bijdrage een wetenschappelijk gevalideerde lessenserie voor met name vwo/ aso-leerlingen, die digitaal inzetbaar is en waarmee leerlingen dieper tekstbegrip leren opbouwen.

Patrick Rooijackers

12u00

SAMEN LEZEN

Samen Lezen of Shared Reading is een bijzondere methodiek die de kracht van een verhaal verbindt met de kracht van een ontmoeting. Wat zich door sterke literatuur afspeelt binnen het hoofd van de lezer wordt veruitwendigd: het hardop lezen brengt het verhaal als het ware naar buiten en helpt het te connecteren met de verhalen die we zelf herkennen uit ons eigen leven.
Samen Lezen krijgt een bijzondere plaats in het onderwijs als het wordt ingezet binnen een leesbeleid waarbinnen de (informele) kans tot ontmoeting ook een manier wordt om moeilijke lezers te benieuwen voor een sterk verhaal en een gedicht.
Tijdens de lezing legt Dirk Terryn de kracht van de methodiek uit en vertelt hij over de mogelijke toepassingen binnen de school.

Dirk Terryn

12u00

Taalbeleid hoger onderwijs vanuit een meertalig perspectief: hoe ziet dat eruit?

De toenemende diversiteit, meertaligheid, internationalisering@home en internationale mobiliteit vraagt van opleidingen in het hoger onderwijs een bewuste focus op interculturele en meertalige communicatieve competenties. Een beroep uitoefenen op het niveau van hoger onderwijs vraagt om een behoorlijke professionele interculturele en meertalige wendbaarheid.
In 2019 zijn op HSN33 de conceptuele uitgangspunten van een taalbeleid of talenbeleid vanuit een meertalig perspectief gepresenteerd en is gewerkt met een gesprekskader om binnen een team in samenspraak tot een gemeenschappelijke visie en uitgangspunten te komen. In deze presentatie, die weliswaar een vervolg daarop is maar ook afzonderlijk te volgen is, ligt de nadruk op de onderwijspraktijk. Je krijgt een inkijkje van de praktijk van een taal- of talenbeleid dat de taalontwikkeling van studenten hoger onderwijs centraal stelt en vanuit een meertalig perspectief vormgeeft: wat zijn dan de topics, welke doelen worden er gesteld, hoe wordt daaraan gewerkt, op welke wijze wordt getoetst en op grond van welke principes wordt er beoordeeld?

Wilma van der Westen

12u00

Taalbeschouwing voor jonge kinderen

Taal is ook voor jonge kinderen hét instrument om de wereld te begrijpen, om relaties met anderen te onderhouden en eigen gedachten en gevoelens te delen. Het is tegelijk een object van verwondering, bijvoorbeeld in onze multiculturele samenleving: waarom gebruikt niet iedereen dezelfde taal?
Kinderen zijn daarom nieuwsgierig naar taal, en tegelijkertijd komt veel taalonderwijs aan jonge kinderen niet tegemoet aan die nieuwsgierigheid. Taal is vooral een instrument: je leert de regels om te spellen en te ontleden. Dat geldt voor de onderbouw van de middelbare school maar nog sterker voor het basisonderwijs.
Het kan ook anders: je kunt gebruik maken van de nieuwsgierigheid die iedereen heeft naar de fundamentele menselijke eigenschap die taal is, om kinderen te laten zien wat ze met taal kunnen én mogen. Uiteindelijk worden ze daar, zo is mijn overtuiging, betere taalgebruikers van.

Marc van Oostendorp

12u00

Wat een ‘foute’ schrijver ons kan leren. Pleidooi voor een tijdelijke, pedagogisch ver-antwoorde verrijzenis van Cyriel Verschaeve in het klaslokaal

Is er plaats voor ‘foute’ schrijvers in de les Nederlands? Wat kunnen we vandaag leren uit de fictie en lotgevallen van iemand als Cyriel Verschaeve (1874-1949), ooit razend populair in het katholieke Vlaanderen, intussen onherroepelijk van zijn voetstuk gevallen vanwege zijn fanatieke collaboratie met de Duitse bezetter? Zijn fictie mag naar huidige normen dan nauwelijks verteerbaar heten, een eeuw geleden werkte Verschaeves werk zelfs zo goed dat hij er een grote politieke invloed mee kon uitoefenen. Met zijn opzwepende verhalen over heldenmoed, strijdlust en offerdrang had de priester-dichter een wezenlijk aandeel in de radicalisering van nogal wat Vlaamse jongeren. Zijn verhaal roept dan ook vragen op die anno 2021 nog steeds brandend actueel zijn: hoe gevaarlijk is (literaire) fantasie? Is literatuur wel zo politiek onschuldig als we soms veronderstellen? En zijn er parallellen tussen Verschaeves ophitsende verbeelding en de hedendaagse cultuur?

Aragorn Fuhrmann

13u00

Artificiële Intelligentie voor taal

Computersystemen die vertalen, samenvatten, een gesprek voeren, spraak omzetten naar tekst en omgekeerd, bestaan al lang maar recent is de kwaliteit ervan aanzienlijk toegenomen dankzij ontwikkelingen in de Artificiële Intelligentie (diepe neurale netwerken). Ik zal deze evolutie kort schetsen en een aantal toepassingen voor het Nederlands bespreken waaraan in de CLiPS onderzoeksgroep van de Universiteit Antwerpen wordt gewerkt.
– Stilometrie in sociale media. We proberen, door automatische analyse van taalgebruik, iets te weten te komen over de auteur ervan: onder meer leeftijd, sekse, persoonlijkheid, opleidingsniveau. Dat laat ons bijvoorbeeld toe om valse profielen te ontdekken in sociale media. Deze toepassing steunt op onderzoek in sociolinguïstiek en taalpsychologie.
– Automatische detectie van haatspraak. We detecteren haatspraak gericht tegen migranten en LGBT in sociale media met automatische filters en analyseren de rol van metaforisch taalgebruik hierbij.

Walter Daelemans

13u00

Krachtige talige leeromgevingen in het middelbaar beroepsonderwijs

Hoe kan je vanuit een gezamenlijke focus op het leren van leerlingen, aspirant-leraren en leraren samen krachtige, talige leeromgevingen vormgeven in het middelbaar beroepsonderwijs?
Vanuit een casus duiden we principes die maken dat leerlingen ten volle uitgedaagd worden tot leren. Centraal plaatsen we authentieke talige leertaken. We doorbreken de vakkensplitsing en gaan op zoek naar manieren om sleutelcompetenties in samenhang te realiseren.
Krachtige leeromgevingen realiseren is teamwerk bij uitstek. We staan stil bij het samen ontwerpen van de leeromgeving, en nodigen uit tot design thinking.
We baseren ons op het recent verschenen handboek Vakdidactiek PAV -Leren in samenhang ( Placklé & Van Cauteren, 2020, Eds.).

Inge Placklé

13u00

Academisch Nederlands – daar hebben we geen woorden voor

Academische woordenschat is een sleutel tot het volgen van lessen. Veel secundaire scholen, hogescholen en universiteiten hebben hier aandacht voor. Ze ondersteunen (toekomstige) studenten met woordenlijsten en oefeningen. Het aanbod verschilt echter enorm en er is ook slechts één naslagwerk – Wijze Woorden – dat gebaseerd is op een (beperkt) corpus. In afwachting van een corpus gesproken academisch Nederlands, bieden deze lijsten een houvast. Deze presentatie geeft eerste inzichten in een combinatie van 35 verschillende lijsten uit Vlaanderen en Nederland, op zoek naar een gedeelde kern academische woordenschat.

Jan Bonne & Joke Vrijders

13u00

Als ‘identiteit’ een taalbeschouwingskwestie kan worden

In het nieuwe leerplan Nederlands van de tweede graad zit de nieuwe component ‘identiteit in diversiteit’. De doelen die hieraan gekoppeld zijn, zijn geen doelen om geïsoleerd aan te pakken, maar ze bieden heel wat mogelijkheden om er geïntegreerd met taalbeschouwing (en ook literatuur) mee aan de slag te gaan. In deze sessie krijg je enkele aanzetten om de leerlingen taaldiversiteit in ruime zin te leren verkennen.

Kaat De Strooper

13u00

Betere en meer gemotiveerde begrijpende lezers in de klas? Van onderzoeksbevindingen naar concrete handvaten voor de praktijk.

Verontrustende berichten over de dalende begrijpende leesvaardigheden én dalende leesmotivatie van onze leerlingen zijn alomtegenwoordig in de media, zowel voor het lager als het secundair onderwijs. Maar hoe kunnen we daar nu als leraar op inspelen? In deze presentatie worden recente onderzoeksresultaten omtrent effectieve begrijpende leesdidactieken uitgelicht (nl. leesstrategie-instructie en bevordering van leesmotivatie). Hoe leg je de leerlingen op een effectieve wijze uit hoe je een tekst goed kan begrijpen? En hoe kan je leerlingen terug graag laten lezen? Expliciete strategie-instructie, de zelfdeterminatietheorie en het vervullen van basisbehoeften van leerlingen (autonomie, verbondenheid en competentie) vormen hierbij het uitgangspunt. Aan de hand van twee wetenschappelijk onderbouwde begrijpende leesmethodes, namelijk ProjectExpert (focus beroepssecundair onderwijs) en Iedereen leesatleet (focus derde graad lager onderwijs), worden deze resultaten geconcretiseerd. Op het einde van deze presentatie zullen jullie inzicht hebben in hoe theoretische principes vertaald kunnen worden naar concrete handvaten voor de lespraktijk.

Rielke Bogaert & Kim Van Ammel

13u00

Cabaret bij Nederlands – humor in de klas

De humor van pubers verschilt nogal van de humor van volwassen. Waarom lachen leerlingen niet mee als jij iets heel grappig vindt en andersom? In deze workshop leer je hoe humor precies werkt, hoe je jouw humor kunt aan laten sluiten bij die van je leerlingen en hoe je humor bewust kunt inzetten tijdens jouw lessen. Daarnaast leer je hoe je cabaretfragmenten kunt gebruiken als aanvulling op de lessen. Cabaret is zoveel meer dan alleen maar leuk, het kan leerlingen leren kritisch te denken, te reflecteren en biedt ze inzicht in de mogelijkheden die taal te bieden heeft. Bovendien zijn er heel veel cabaret-fragmenten te vinden die naadloos aansluiten op de lesstof van het vak Nederlands. Deze workshop is bedoeld voor docenten in de bovenbouw van het secundair onderwijs.

Hiske Schipper

13u00

Corpora en constructies: conventionele en creatieve toepassingen van grammaticale patronen

Na een korte inleiding over een aantal belangrijke uitgangspunten van de constructiegrammatica, laat ik in deze bijdrage zien hoe taalkundige corpora zoals SoNaR en NLCOW kunnen worden gebruikt om zowel de conventionele, goed ingeburgerde gebruikswijzen van grammaticale constructies in kaart te brengen als om productieve, creatieve toepassingen ervan op het spoor te komen. De corpusvoorbeelden in (1) en (2) hieronder, bijvoorbeeld, illustreren dezelfde grammaticale constructie, maar de combinatie van werkwoord en constructie is in (2) duidelijk “origineler” dan in (1). Ik zal een aantal voorbeelden bespreken waarin sprekers of schrijvers de grammaticale mogelijkheden van het Nederlands creatief oprekken, uit verschillende tekstsoorten. Zulke voorbeelden laten zien dat grammaticale restricties vaak meer speelruimte laten dan men op het eerste gezicht zou denken.

(1) Mensen gebruiken de straat als sluipweg en gooien allerlei afval uit de auto.
(2) Hij was dit weekend de pechvogel, want op de 1m40-proeven sprong hij telkens 1 balk uit de lepels.

Timothy Colleman

13u00

Creatiever schrijven in het voortgezet onderwijs

Leerlingen tussen c. 12 en 18 jaar hebben in Vlaanderen en Nederland het afgelopen decennium als het om schrijfonderwijs gaat, vooral instructies gekregen voor het beter ordenen en plannen van hun schrijfactiviteiten en voor het leren geven en ontvangen van feedback op hun schrijfproducten. Maar daarmee heeft één van de belangrijkste fasen van het schrijfproces – het onder woorden brengen van je gedachten en ideeën, in het veelgebruikte model van Flower en Hayes heet deze fase ‘translating’ – te weinig aandacht gekregen. In het onderzoeksproject Schrijfakademie.nl haken we in op de interesse van leerlingen (zoals in 2018 gepeild door Scholieren.com) om creatiever te kunnen schrijven. Voor het ontwikkelen van talige creativiteit is die fase van translating van cruciaal belang. Hoe die te didactiseren, is de vraag die de makers van de Schrijfakademie.nl zich het afgelopen jaar stelden. We presenteren een eerste ontwerp van de website, leggen onze uitgangspunten uit en gaan in op vragen over die uitgangspunten

Micha Hamel & Els Stronks

13u00

Differentiëren in de presentatieles met het Presentatiespel

Het Presentatiespel is een kaartenset met meer dan zeventig presentatieopdrachten. De kaarten combineren een korte beschrijving van de theorie met een concrete oefening, zodat gedifferentieerd gewerkt kan worden. De ene leerling kan bijvoorbeeld werken aan betere handgebaren en de andere aan gevarieerde intonatie. De opdrachten zijn verdeeld in vier categorieën: verhaallijn en doelgroepgerichtheid, presentatietechniek, vragenronde en zelfverzekerd spreken.

Docenten kunnen met het Presentatiespel een complete lessenreeks samenstellen, maar ook een resterend kwartier van een les vullen, afgestemd op de leervragen en het niveau van de leerlingen of studenten. In deze workshop demonstreren we het spel en laten we docenten ervaren welke voordelen gedifferentieerd werken bij het trainen van presentatie-vaardigheden biedt.

Maarten van der Meulen & Jolien Strous

13u00

Digitaliseren zonder surrogaatonderwijs te creëren

Digitaal onderwijs creëert surrogaatmateriaal, stellen we te vaak vast. Digiboeken die minder handig zijn dan de papieren variant. Digitaal lesmateriaal dat we net zo goed hadden kunnen printen. Is het zinvol om los te komen van papier? Kunnen we digitaal materiaal bouwen dat de leerwinst verhoogt, niet verhindert? Hoe kunnen computers de les aanvullen? Hoe vermijden we, kortom, een digitaal doorslagje te maken van de papieren lesinhoud?

Thomas Vliebergh

13u00

Gamification en storytelling in de les Nederlands

In deze sessie wil ik de mogelijkheden van gamification en storytelling binnen de les Nederlands bespreken aan de hand van een module rond oude verhaalvormen (sprookje, mythe, sage, legende) waarin leerlingen op queeste gaan om de betoverde bibliotheek weer in ere te herstellen. De module is aangemaakt met behulp van Google Sites, Classcraft en Bookwidgets / H5P en ik maak ook even tijd om de mogelijkheden van deze tools voor het vak Nederlands te demonstreren.

Mitte Schroeven

13u00

Is een leerkracht ook verteller?

Verhalen bewegen jong en oud. Ze prikkelen niet alleen ons verbeeldend vermogen, maar ook onze gevoelswereld. Goede verhalen blijven bij. Onze honger ernaar is onverzadigbaar. Maar gebruiken we ze ook effectief in de klas?
In deze sessie onderzoeken we de kracht van een vertelling als didactisch middel. Je komt te weten hoe je die kracht onmiddellijk kan inzetten in je eigen lessen. Bovendien exploreren we nieuwe invalshoeken voor spreekvaardigheid bij leerlingen door hen te beschouwen als vertellers, meer dan als sprekers.

Evi Rosiers

13u00

Leesprocessen bij proza en poëzie. Een eyetracking studie onder vwo- en havoleerlingen.

Onderzoek naar leesprocessen van havo- en vwo-scholieren is zeldzaam. Dit geldt voor het lezen van proza en vooral voor het lezen van poëzie. We onderzochten de leesprocessen van leerlingen (tweede-, vierde- en zesdeklassers), tijdens het lezen van authentieke proza- en poëzieteksten. Poëzie onderscheidt zich van proza door een hoge mate van ambiguïteit, impliciete coherentie en afwijkende syntactische structuren. Wij verwachtten dit terug te zien in de leesprocessen van de leerlingen. Om hierin inzicht te verkrijgen, richtten we ons zowel op de tijd die leerlingen nodig hadden voor eerste lezing als op de totale leestijd voor proza en poëzie.

Corina Breukink

13u00

Nalezen van je tekst? Zet je grammaticale bril op!

Er is veel onderzoek gedaan naar de vraag welke factoren een rol spelen tijdens het spellen van werkwoorden; over de rol van deze factoren bij het nalezen ervan is minder bekend. Mijn onderzoek toont aan dat deze factoren op verschillende momenten tijdens het leesproces een andere rol spelen. In mijn bijdrage laat ik zien dat het advies om een geschreven tekst na te lopen op eventuele spelfouten niet erg veel oplevert. Wellicht is een andere aanpak effectiever. In mijn bijdrage richt ik me op het primair onderwijs, maar de aanpak en tips zijn ook geschikt voor secundair onderwijs.

Robert Chamalaun

13u00

Probleembesprekingen tussen en met samenwerkende kleuters

Veel onderzoek laat zien dat zowel de hoeveelheid als de aard van de gespreksbijdragen van kinderen sterk samenhangt met hun taal- en denkontwikkeling. We weten echter nog niet zo goed hoe onderlinge gesprekken in de kleuterklas op zo’n manier worden vormgegeven door kinderen (eventueel met de leerkracht) dat het meer of minder leerzaam is. In deze presentatie zullen we aan de hand van videodata van echte gesprekken in kleuterklassen laten zien hoe kinderen onderling en met de leerkracht overleggen wanneer zij problemen oplossen binnen de methodiek van verhalend ontwerpen. Aan de hand van gedetailleerde analyses van video-data, zullen we ingaan op vragen als: ‘Hoe lossen kleuters onderling en met de leerkracht problemen op?’ en ‘Welke gespreksbijdragen van leerkrachten bevorderen en verminderen de gespreksdeelname van kinderen?’ Daarmee wordt duidelijk dat de gespreksmogelijkheden van kleuters samenhangen met de gesprekscontext en dat zij minder egocentrisch zijn dan vaak wordt aangenomen.

Frans Hiddink

13u00

Schooltaal leren stimuleren: het belang van een flexibele opleiding

Dat de connectie tussen de opleiding en de stage van cruciaal belang is, bleek uit mijn promotieonderzoek naar het aanleren van schooltaalstimulerend gedrag aan studenten op de lerarenopleiding. Studenten hebben nodig dat ze de schooltaalstimulerende strategieën kunnen uitvoeren in de praktijk om deze echt eigen te maken. Ook zou er een zekere flexibiliteit in de opleiding moeten worden ingebouwd, zodat het mogelijk wordt voor studenten om hun leerproces vanuit verschillende kanten te starten. Daarnaast is het de vraag in hoeverre er op lerarenopleidingen aandacht wordt gegeven aan het thema ‘stimuleren van schooltaal’. In de presentatie worden deze thema’s inhoudelijk gepresenteerd, om daarna erover in gesprek te kunnen gaan.

Nanke Dokter

13u00

Talige escaperooms: kennismaking met academisch Nederlands voor het secun-dair onderwijs

Als speelse introductie tot het academisch Nederlands ontwierp het Academisch Centrum voor Taalonderwijs van de VUB een escaperoom op maat van leerlingen uit de derde graad secundair onderwijs. In deze HSN-sessie word je dan ook meteen uitgedaagd de code van een deelopdracht te kraken. De VUB-taalcoaches laten je daarna niet op je honger zitten en onthullen de uitwerking van de afzonderlijke opdrachten en de werkwijze tijdens het volledige spelverloop van de escaperoom academisch Nederlands. Je wordt geïnspireerd om je eigen bestaande lesopdrachten om te vormen naar echte escaperoom-uitdagingen aan de hand van het multi-inzetbare grondplan dat je als basis kan nemen voor je eigen spel. Ga de uitdaging aan in deze actieve en activerende workshop.

Inge De Cleyn & Lauranne Harnie

13u00

Talige escaperooms: kennismaking met academisch Nederlands voor het secundair onderwijs

Als speelse introductie tot het academisch Nederlands ontwierp het Academisch Centrum voor Taalonderwijs van de VUB een escaperoom op maat van leerlingen uit de derde graad secundair onderwijs. In deze HSN-sessie word je dan ook meteen uitgedaagd de code van een deelopdracht te kraken. De VUB-taalcoaches laten je daarna niet op je honger zitten en onthullen de uitwerking van de afzonderlijke opdrachten en de werkwijze tijdens het volledige spelverloop van de escaperoom academisch Nederlands. Je wordt geïnspireerd om je eigen bestaande lesopdrachten om te vormen naar echte escaperoom-uitdagingen aan de hand van het multi-inzetbare grondplan dat je als basis kan nemen voor je eigen spel. Ga de uitdaging aan in deze actieve en activerende workshop.

Inge De Cleyn & Lauranne Harnie

13u00

VISTA Leest! Meer lezen, beter in taal op het mbo.

VISTA leest!
Vrij lezen op school > fijn én nuttig!
Om de voordelen van vrij lezen te benutten is VISTA leest! van start gegaan, een leesproject dat docent Esther Hendriks is gestart omdat Nederlandse studenten steeds slechter lezen. Eén derde van werkgevers vindt namelijk dat mbo’ers beter in de Nederlandse taal zouden moeten zijn. Daar moeten we dus samen mee aan de slag.
Eén of twee keer per week krijgen de studenten een moment voor zichzelf en gaan ze vrij lezen in de klas onder begeleiding van hun docent (die zelf ook meeleest). Er zijn boeken op school beschikbaar, die passen bij onze studenten óf ze nemen zelf een boek mee. Er is geen opdracht aan verbonden, de studenten lezen wat ze leuk vinden om te lezen. Want wie vaker leest, wordt beter in lezen, krijgt er meer plezier in én bouwt een goede leesvaardigheid op.
Dit schooljaar zijn achttien klassen, verdeeld over vier afdelingen, in Heerlen van start gegaan met dit project. Ook is er een schoolbibliotheek, in samenwerking met SCHUNCK bibliotheek Heerlen, opgericht, zodat ze dat leuke boek uit de les ook thuis verder kunnen lezen.
Wanneer de pilot VISTA Leest! loopt een jaar, waarin hij gemonitord wordt en daarna geëvalueerd. De bedoeling is om de pilot uit te breiden naar al onze locaties (Sittard en Maastricht), zodat uiteindelijk alle 17.000 studenten van het VISTA college gaan vrij lezen op school.

Esther Hendriks & Veerle Dremmen

13u00

Wie durft in bed te eten? Krachtig taalonderwijs op een meertalige basisschool

Heel wat kinderen scoren ondermaats voor taal. Dat is met name het geval voor kinderen in minderbedeelde situaties die thuis soms een andere taal spreken. Hoe kunnen we hen het best helpen met het leren van het Nederlands? Hoe ziet een krachtige taal-leeromgeving eruit? In deze interactieve sessie kom je alles te weten over taal leren op de basisschool. We gaan aan de slag met het boek De vliegtuigklas. Naar sterk taalonderwijs op de basisschool (Frijns, 2019) en de reportage De klas van juf Femke (Klasse, 2020). We duiken in onderzoek én warmen ons aan verhalen over minderbedeelde gezinnen in een diverse maatschappij. Na deze sessie ga je met recent onderzoek én frisse praktijkvoorbeelden de deur uit om zelf het verschil te blijven maken voor kwetsbare taalleerders in Vlaanderen en Nederland.

Carolien Frijns

13u00

Zicht op schrijfontwikkeling met een schrijfportfolio

Schrijfonderwijs is een ondergeschoven kindje in het onderwijs, dat blijkt ook weer uit het laatste peilingsonderzoek van de inspectie (2021). Vooral het monitoren, evalueren en beoordelen van de schrijfontwikkeling van leerlingen blijkt lastig en bruikbare instrumenten zijn schaars.
SLO heeft samen met scholen instrumenten ontwikkeld om een schrijfportfolio vorm te geven en in te zetten in de klas. Leraren én leerlingen krijgen zo meer zicht op de schrijfontwikkeling. De basis van een schrijfportfolio zijn lessenreeksen waarin het hele schrijfproces doorlopen wordt en waarbij gerichte instructie in genrekennis centraal staat. Instrumenten als criteria voor reflectie, vragen voor tekstbesprekingen en mogelijke structuren voor het inrichten van een (digitaal) schrijfportfolio helpen om het schrijfportfolio vorm te geven. In onze presentatie laten we zien wat er uit onderzoek bekend is over het werken met schrijfportfolio’s, welke instrumenten ontwikkeld zijn en hoe ermee gewerkt wordt in de praktijk.

Inge Jansen & Mireille Louwers

13u00

Zinvol ontleden

De afgelopen jaren hebben Peter-Arno Coppen (De Taalprof) en Jimmy van Rijt gepubliceerd over alternatieven voor het traditionele grammaticaonderwijs. BruutTAAL heeft deze publicaties gebruikt als basis voor zijn zinsanalyse en er een totaalpakket van gemaakt.
De uitdaging die de methode aangaat: is het mogelijk om grammaticaonderwijs te geven dat leerlingen inzicht geeft in taal, hun taalvaardigheid vergroot en helpt bij het leren van een nieuwe taal.
In deze presentatie maak je kennis met een andere aanpak van de zinsontleding waardoor je ziet hoe je leerlingen (hun eigen) taal kunt laten beschouwen.

Michel Pijpers

13u30

De middeleeuwen en zestiende eeuw op literatuurgeschiedenis.org . Mogelijkheden voor het onderwijs

In de jaren 2020 en 2021 krijgt de website literatuurgeschiedenis.org een grondige actualisering. Ik geef dat proces inhoudelijk mee vorm wat betreft de middeleeuwen en de 16de eeuw. Ik heb daarbij ook derdejaars studenten taal- en letterkunde van de Universiteit Antwerpen ingeschakeld. Graag wil ik – na een korte uiteenzetting over de leidende principes bij de aanpassingen – met leerkrachten secundair onderwijs en lerarenopleiders in gesprek over de mogelijkheden van deze website bij het onderwijs over oudere Nederlandse letterkunde en eventuele verdere aanpassingen die wenselijk zijn.

Remco Sleiderink

14u00

Bert en Ernie in literatuur en leraarschap

Bert en Ernie debuteerden op televisie in de Amerikaanse versie van Sesamstraat in 1969. Ze maakten oorspronkelijk deel uit van een groep poppen, de Muppets, van Jim Henson. Tot op de dag van vandaag vormen Bert en Ernie een vast onderdeel van Sesamstraat-uitzendingen over de hele wereld.

In deze workshop wordt vanuit een groot aantal literaire bronnen de stelling onderbouwd dat Bert en Ernie niet alleen veel te bieden hebben aan kinderen, maar ook aan hun leerkrachten.

Bert Jurling

14u00

Dat heb ik niet gezegd! Verdedigingstechnieken na een ‘foute’ uitspraak

Wie het nieuws een beetje volgt, zal het bekend voorkomen. Iemand wordt beschuldigd van een ‘foute’ uitspraak (bijv. een racistische) en verdedigt zich door een beroep te doen op de letterlijke betekenis van de uitspraak of juist op de zogenaamde implicaturen daarvan: ‘Dat zijn úw woorden!’, ‘Dat was ironie!’
Een interessante vraag is in hoeverre inzichten uit de taalkunde en de taalbeheersing ons kunnen helpen als we in een specifiek geval willen beoordelen of zo’n verdediging redelijk is of niet. In deze lezing wordt een aantal actuele gevallen getoetst aan (i) de indeling van verdedigingslinies uit de klassieke retorica (de zgn ‘statusleer’), en (ii) de pragmatische literatuur over verschillende soorten implicaturen (d.w.z. impliciete bedoelingen van de spreker).

Ronny Boogaart

14u00

Drie creatieve en activerende lesideeën om je literatuuronderwijs een impuls te geven

In deze presentatie maak je kennis met drie good practices uit de literatuurlessen die ik geef in de bovenbouw van het secundair onderwijs (gymnasium). Creativiteit en probleemoplossend denken staan hierin centraal. Het is hierbij de bedoeling dat de leerling actief aan de slag gaat en niet achterover kan leunen. Denk bijvoorbeeld aan het verbeelden van literaire stromingen of het openbreken van een ‘kluis’ aan de hand van gedichten.
Je gaat naar huis met drie inspirerende en motiverende lesideeën die je – met wat kleine aanpassingen – direct naar hartenlust kunt inzetten in je lespraktijk.
Uiteraard is er ruimte voor discussie en het uitwisselen van ideeën.

Clasine van Dorst

14u00

Een brede aanpak is noodzakelijk om doorstroom van entree – en NT2 studenten naar een niveau 2 opleiding te bevorderen.

‘Een student is van de school en niet van een docent’.
Middels een kwalitatief onderzoek is helder geworden dat er verschillende knelpunten worden ervaren door studenten en docenten in de aansluiting van de entree/NT2 opleiding naar een niveau twee opleiding. Deze knelpunten zijn tweeledig, enerzijds gelegen in het voorbereiden van entree/NT2 studenten naar een niveau twee opleiding. Anderzijds gelegen in de verwachtingen die er zijn over deze aansluiting naar elkaar toe als teams. Specifiek gaat het om hoe onderwijsteams kunnen samenwerken waarin zij gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor een leeromgeving. Een leeromgeving waar de leerbehoeften betreffende (Nederlandse) taal, beroepsoriëntatie en verwachtingen van entree/NT2 studenten centraal staat wat het doorstromen naar niveau twee bevordert. Met een blik op de toekomst kan een (nauwe) samenwerking niet uitblijven.

Loes Hofsink & Marjon Elling

14u00

Een professionaliseringstraject voor beginnende leerkrachten als sleutel om de leesmo-tivatie bij leerkrachten en leerlingen in het basisonderwijs te verhogen

Hoe komen onderwijsonderzoek en onderwijspraktijk samen? Voor haar masterscriptie onderzocht Hanna Van Wambeke de impact van een professionaliseringstraject voor beginnende leerkrachten gericht op leesmotivatie. Het afgelopen schooljaar werd ze leerkracht in een basisschool in Gent. Deze school neemt deel aan een tweejarig traject ‘samen bouwen aan een kwalitatieve leesomgeving op school’ van Iedereen Leest. Als trekker van haar school maakt Hanna werk van een leesbeleid op leerling- klas- én schoolniveau dat de leesmotivatie centraal zet. Hanna licht de bevinden uit haar onderzoek toe en vertelt hoe ze met de opgedane kennis uit het professionaliseringstraject en haar onderzoek als beginnende leerkracht zelf aan de slag ging in haar school.

Hanna Van Wambeke

14u00

Feedcyclus voor evaluatie via Google Classroom

Via Google Classroom wordt de feedcyclus (feed-up, feedback en feedforward) transparant in kaart gebracht voor zowel leerling als leerkracht. Rubrics zijn een krachtige tool die in deze cyclus leerlingen inzicht bieden in het hele evaluatieproces. Google Classroom kan ook gebruikt worden als een veilige omgeving waarin leerlingen per klasgroep interactief kunnen werken.

Vanessa De Cock

14u00

Het Actieplan voor de Neerlandistiek: blauwdruk voor een slagvaardige neerlandistiek van de 21ste eeuw.

Het Algemeen Secretariaat van de Taalunie lanceert een actieplan als antwoord op actuele problemen en uitdagingen van de neerlandistiek, in samenspraak met een brede vertegenwoordiging van het vak intra- en extra muros. Vijftien samenhangende punten moeten een slagvaardige en toekomstgerichte neerlandistiek ondersteunen. Het gaat, onder andere, om een pleidooi voor een (inter)nationaal neerlandistiekaanbod, samenwerking, publicatiemogelijkheden, infrastructuur voor kennisdeling, onderzoeksmiddelen en ambitieuze onderzoeksprogramma’s. Maar evengoed gaat het om investeringen in de aantrekkelijkheid van het beroep van leraar Nederlands, het aanhalen van de banden tussen onderwijs en onderzoek, de nood aan een platform voor de ontwikkeling van lesmaterialen Nederlands, het belang van taalbeheersing en van Nederlands als instructietaal, tot en met de economische waarde van de taalsector, de maatschappelijke en professionele mogelijkheden die taal biedt, en een mediastrategie rond nieuws uit de wereld van taal en letteren.
De ‘neerlandistische achterban’ die mee de pen voerde, hoort graag wat het belanghebbende HSN-publiek van die voorstellen denkt.

Wim Vandenbussche

14u00

Het Leesoffensief van de Vlaamse overheid: naar een grote leessprong

Diverse internationale onderwijsonderzoeksrapporten (cf. PIRLS/2016- en PISA/2018) onderstrepen al te lang de dalende leesvaardigheid bij de 10- en 15-jarigen. De resultaten zijn algemeen bekend en tegelijk stellen we ons nog steeds de vraag hoe het komt dat de jeugd maar ook de bredere samenleving steeds minder geïnteresseerd is in lezen. Ligt het probleem bij het onderwijs? Bij de lerarenopleiding? Bij de jeugd zelf? Of bij de sociale media en de algemene cultuur van vluchtigheid waarin we leven? Taal- en leesvaardigheid vormen echter de absolute basis voor alle leren en is essentieel in alle aspecten van het leven, van werk over vrije tijd, over gezondheid en cultuurbeleving. Lezen is in zijn volle breedte één van de belangrijkste culturele en maatschappelijke competenties. De Vlaamse regering vond daarom – terecht – dat een Vlaams leesoffensief (LOF) hoogdringend was, met een geïntegreerde aanpak op verschillende niveaus en met een innovatief communicatieplan aangepast aan de diverse doelgroepen. Dat het mogelijk is om slechte prestaties op het vlak van lezen om te buigen naar een succesverhaal bewijst alvast Ierland dat erin slaagde om via zijn National Strategy on Literacy and Numeracy for Learning and Life (2011-2020) het tij te keren.
Het actieplan van Het Leesoffensief Vlaanderen is ambitieus en werpt zijn netten breed uit. Het omvat maar liefst 30 operationele doelstellingen en 50 acties. In deze uiteenzet-ting wordt – naast de grote lijnen van het LOF – toegelicht welke acties specfiek voor het
secundair onderwijs opgenomen zijn.

An De Moor

14u00

Het Schrijflab en Pimp je tekst Leerlingen in de bovenbouw havo/vwo leren hoe ze creatieve teksten en creatieve zake-lijke teksten schrijven.

Tijdens de lessenserie Het Schrijflab leren leerlingen korte creatieve verhalen schrijven. Tijdens de tweede lessenserie, Pimp je tekst, leren leerlingen hoe ze technieken voor narratieve teksten, zoals zintuiglijk schrijven, kunnen gebruiken in zakelijke teksten. In beide lessenseries worden de leerlingen geholpen om ideeën te genereren doordat er een steeds terugkerende divergerende denkfase door de lessenserie heenloopt. In mijn presentatie zal ik een paar cruciale elementen uit beide lessenseries laten zien en ervaar je zelf hoe het is om ideeën te bedenken voor een verhaal. Ook ga ik in op de vraag of de lessenseries echt werken: verbetert de schrijfvaardigheid? Tot slot deel ik de ervaringen van leerlingen en docenten. Beide lessenseries zijn ontwikkeld voor mijn promotieonderzoek (NWO-Lerarenbeurs) naar het effect van creatief schrijven in het voortgezet onderwijs en kunnen, wellicht met wat kleine aanpassingen, ook gebruikt worden in de onderbouw.

Anouk ten Peze

14u00

Hoe kan schooltaalbeleid effectiever zijn?

Voor Vlaamse scholen is het uitwerken en invoeren van een taalbeleid verplicht. Dat is ondertussen al tien jaar zo, maar toch botsen veel scholen daarbij nog altijd op allerlei uitdagingen: taalbeleidsacties belanden vaak terug in de kast, teamleden zijn gedemotiveerd, of schoolteams zien door het bos de bomen niet meer omwille van de gigantische hoeveelheid aan taalstimulerende acties.

In deze presentatie gaan we op zoek naar verklaringen én mogelijke oplossingen voor zulke uitdagingen. Daarvoor herdefiniëren wij eerst het concept ‘taalbeleid’ met behulp van inzichten uit schooleffectiviteitsonderzoek. Daarna concretiseren we dat vernieuwde concept door in te zoomen op enkele cases uit het Vlaamse basis- en secundair (voortgezet) onderwijs waarbij de invoering van het taalbeleid moeizaam verloopt. Centraal staat de vraag: welke strategieën zijn in deze scholen nodig om het schooltaalbeleid effectiever te maken?

Marieke Vanbuel

14u00

WERKplaats Taal: sleutelen aan een taalgericht curriculum voor alle opleidingen

Taalontwikkeling van studenten heeft een structurele plek in alle curricula en alle docenten geven taalgericht les. Daar moeten we naartoe, willen we studenten in het hoger onderwijs voldoende toerusten voor hun werkende leven. Bij Hogeschool Rotterdam zijn de opleidingen zelf aan zet. Met hulp van centrale ondersteuning integreren zij Nederlands of communicatie in de vakinhoud. De rol van taaldocent verandert: van docent met eigen cursussen Nederlands naar collega die het team meeneemt in feedback geven op taal, taalleerlijnen ontwikkelen en een talige leeromgeving creëren. In deze workshop doorloop je de stappen van visie tot effectmeting voor jouw instelling of opleiding. Wij inspireren je met succesvolle praktijkvoorbeelden bij elke stap.

Evelyne van der Neut & Tamar Israël

14u00

‘Met wie schrijf ik?’ De impact van de gesprekspartner op de chattaal van Vlaamse jongeren.

Houden jongeren rekening met het sociale profiel van hun gesprekspartner(s) als ze met elkaar communiceren via sociale media? Passen ze hun schrijfstijl aan aan die van hun gesprekspartners? Dat onderzochten wij in een groot corpus van Facebook Messenger- en WhatsApp-gesprekken geproduceerd door Vlaamse tieners. We kijken naar het effect van het gender, de leeftijd en de studierichting van de gesprekspartners en focussen op het gebruik van prototypische kenmerken van informeel online taalgebruik. De resultaten tonen wel degelijk patronen van accommodatie (aanpassing aan de gesprekspartner), maar er treden duidelijke verschillen op naargelang van de aard van de onderzochte kenmerken. Bovendien wordt accommodatie in sterkere mate getriggerd door bepaalde sociale kenmerken dan door andere en zijn de aanpassingen ook succesvoller of accurater voor de ene sociale variabele dan voor de andere.

Reinhild Vandekerckhove & Lisa Hilte

15u30

(Graag) lezen op school

Al enkele jaren blijkt dat het met de leesvaardigheid van Vlaamse kinderen bergaf gaat (PIRLS 2016; peiling lezen 2018; PISA 2018). Op verschillende niveaus werd er nagedacht over de versterking van de didactiek begrijpend lezen, wat resulteerde in een reeks belangrijke publicaties over wat werkt in onderwijs in begrijpend lezen (Gobyn e.a. 2019; Houtveen e.a. 2019; Pereira & Nicolaas 2019; Onderwijsinspectie 2020).

Een vraag die vanuit het werkveld vaak gesteld wordt, is hoe die inzichten op een haalbare en duurzame manier vertaald kunnen worden naar de klaspraktijk. Het project ‘Lezen op school’, een samenwerking tussen de lerarenopleiding van VIVES en 6 partnerbibliotheken, werkt sinds begin september 2020 aan zo’n concrete vertaling op 18 West-Vlaamse basisscholen. De focus ligt op leesmotivatie: hoe krijg ik kinderen intrinstiek gemotiveerd om te lezen? En wie graag leest, leest vaker en doorgaans ook beter. In deze sessie bekijken we concrete voorbeelden van hoe een school kan werken aan een motiverend leesbeleid. Want ja, lezen is echt de leukste reis die je tegenwoordig kan boeken.

Daan Debuysere & Justine Pillaert

15u30

De relatie tussen ontluikende geletterdheid en taalvaardigheid enerzijds en lees- en spellingsvaardigheden anderzijds

Bij veel leerlingen met een onvoldoende stevige taalbasis, verloopt de lees- en spellingsontwikkeling al van bij de start heel moeizaam. Kinderen met een leerstoornis hebben hierdoor ook een groter risico op het ontwikkelen van sociaal-emotionele problemen (Totskika & Hastings, 2018). Daarom is het belangrijk om reeds van in de kleuterperiode voldoende aandacht te besteden aan preventie en detectie van deze problemen. Het TALK-curriculum werd ontwikkeld in het kader van een Erasmus Plus-project met als doel het versterken van talige vaardigheden en schoolrijpheid in de derde kleuterklas. Naast een online assessment, werd een klas-en ouderprogramma ontwikkeld om deze vaardigheden te stimuleren.
Tijdens deze lezing zoomen we in op het belang en effect van het trainen van talige en fonologische vaardigheden in functie van de vroege lees- en spellingsontwikkeling.

Eddy Hoste

15u30

Een doorlopende leerlijn fictieonderwijs voor 10 tot 14 jaar met uitdagende opdrachten

Het Northgo College (voortgezet onderwijs) en De Witte School (primair onderwijs) in Noordwijk willen leerlingen weer aan het lezen krijgen en hun leesmotivatie versterken. Zes docenten van beide scholen hebben daarom gezamenlijk een nieuwe aanpak voor literatuuronderwijs ontwikkeld. Acht illustratieve opdrachten maken een doorlopende leerlijn zichtbaar tussen basisonderwijs en voortgezet onderwijs. Ook slaan de opdrachten een brug tussen fictieonderwijs, schrijfvaardigheid en gespreksvaardigheid.
In deze presentatie zullen we ingaan op onze nieuwe kijk op het literatuuronderwijs en zullen we een aantal voorbeelden van onze opdrachten laten zien.

Albert Pouwels & Laura Duivenvoorde

15u30

Geïntegreerde taalbeschouwing voor hbo-lerarenopleidingen

De tweedegraadslerarenopleidingen op het hbo in Nederland staan voor een haast onmogelijke taak. In relatief weinig studiepunten moeten zij vakinhoudelijk vrijwel de hele taalkunde afdekken (met de nadruk op de klassieke zinsontleding), en dan ook nog eens vakdidactisch invulling geven aan het begrip Taalbeschouwing. Het gevolg is: losse taalkundige cursussen, vaak op een traditionele manier gegeven, naast vakdidactische cursussen waarin studenten een stukje taalkunde moeten didactiseren op een heel andere manier dan ze het net zelf geleerd hebben.

In een nieuwe, geïntegreerde opzet proberen wij de taalkundige vakinhoud juist op een taalbeschouwelijke manier te didactiseren. Deze nieuwe aanpak is niet alleen geschikt voor het hbo, maar ook bedoeld als voorbeeld voor hoe je taalbeschouwing in het vo zelf kunt didactiseren. In onze bijdrage geven we een paar concrete voorbeelden.

Peter-Arno Coppen & Jimmy van Rijt

15u30

Het moet niet altijd Ariana Grande zijn!

Corona daagde heel het onderwijslandschap uit om vanop afstand leerlingen te motiveren, door te verbinden en hen de nodige autonomie te geven. Binnen het kader van de eindtermen zochten we voor de lessen Nederlands en expressie creatieve en verbindende opdrachten. We experi-menteerden met (Belgische) kunst en creatieve werkvormen om tot leren te komen.
We stellen vier opdrachten voor: een instagrampagina, schrijven van poëzie, reflectiefilmpjes en een leesopdracht rond de week van Belgische muziek. Deze opdrachten ontwikkelden we in de lockdown en zetten we nu in ons contactonderwijs in. Elke leerling kan eigen accenten leggen en de opdrachten passen perfect binnen een gedifferentieerde aanpak.
We koppelen deze lessen aan de zelfdeterminatietheorie. We nemen jullie mee in hoe wij onze authenticiteit en betrokkenheid als leerkracht inzetten als motiverende factor voor het leren van onze leerling.
Je gaat naar huis met nieuwe lesideeën maar ook met vernieuwende ideeën rond lesgeven.

Liselotte Vandecruys & Steffy Diepvents

15u30

Interactie in online lessen: de ervaring van anderstalige nieuwkomers in secundair onderwijs

Demografische achtergrondvariabelen hebben een disproportionele impact op het onderwijssucces van leerlingen in het Vlaamse onderwijssysteem. Zo hebben leerlingen met een migratieachtergrond bijna dubbel zoveel kans als hun klasgenoten zonder migratieachtergrond om de OESO-minimumdoelen voor geletterdheid niet te halen.

Mogelijk zal het afstandsonderwijs dat werd ingevoerd tijdens de coronacrisis, dergelijke onderwijsongelijkheden versterken. In deze studie onderzoeken we die hypothese door na te gaan welke ervaringen ex-OKAN-leerlingen (Onthaal Klas voor Anderstalige Nieuwkomers) in het regulier secundair onderwijs hebben gehad met afstandsonderwijs. Meer specifiek gaan we na hoe ex-OKAN-leerlingen de talige interactie met leerkrachten en medeleerlingen in online lessen en lessen in de klas ervaren.

Shauny Seynhaeve & Bart Deygers

15u30

Klassieke Nederlandstalige literatuur op school: uiteraard!

Jongeren verleiden tot het lezen van klassieke Nederlandstalige literatuur is vooral een kwestie van enthousiasme etaleren, van aanknopingspunten aanbieden en van uitdagen. In het eerste deel van de ons toegemeten tijd willen we een indruk geven hoe de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren (KANTL) middelen probeert aan te reiken die bij het literatuuronderwijs kunnen worden ingezet. In het tweede deel willen we graag enkele nieuwe sporen toetsen bij het aanwezige publiek en in dialoog nagaan of en hoe de KANTL nog beter zou kunnen inspelen op de noden van het literatuuronderwijs, inz. met betrekking tot de klassieken.

Frank Willaert & Erik Vlaminck

15u30

Nederlandse woordsoortspecifieke lettergreepstructuren.

In de jaren tachtig van de vorige eeuw merkte Mieke Trommelen op dat Nederlandse werkwoorden minder en eenvoudigere lettergrepen hebben dan Nederlandse zelfstandige naamwoorden. Met die observatie is decennialang niet veel gedaan. Nochtans zijn woordsoortspecifieke lettergreepstructuren gekend uit andere talen en belangrijk voor de taalkundige theorievorming. Met hedendaags computationeel en experimenteel onderzoek hebben we aangetoond dat Trommelen overschot van gelijk had. Het Nederlands heeft inderdaad woordsoortspecifieke lettergreepstructuren. Die kennis behoort bovendien tot de taalintuïties van de moedertaalspreker: Nederlandstaligen voelen aan tot welke woordsoort een nonsenswoord kan behoren. Wat vindt u zelf beter: een pardijf of ik pardijf? In deze lezing bespreken we de resultaten van het onderzoek en de theoretische relevantie en vergelijken we de Nederlandse feiten met vergelijkbare feiten in de talen van de wereld.

Marijke De Belder

15u30

Poëzie is altijd van de wereld vandaag

‘News that stays news’, zo definieerde de Amerikaanse dichter Ezra Pound literatuur. Een gedicht, bijvoorbeeld, is dus een tekst die waarde blijft hebben doorheen de tijd, los van de de context waarin hij ontstaan is. Maar wat met gedichten die op de huid van de dagelijkse realiteit geschreven zijn en de polsslag van de maatschappij laten voelen? Die zich bekommerd tonen om de manier waarop politici spreken en schrijven, om onze omgang met de natuur, het klimaat, afkomst en gender? Ook dit soort poëzie is waardevol, zeker om er in de klas mee aan de slag te gaan.
In deze activerende lezing over actuele poëzie bieden we een denkkader aan en doen we suggesties voor een benadering die de leerlingen prikkelt.

Paul Demets & Hilde Lauwers

15u30

TAALBELEID EN TEAMTEACHING. Hoe good practices naar een onderwijskundige aanpak evolueerden in een organisch samenwerkend team

Uit het taalbeleid van de opleiding Journalistiek aan Howest is stilaan een vanzelfsprekende onderwijsdynamiek gegroeid waar de kernleden van het opleidingsteam enthousiast aan meewerken, ten gunste van de studenten.

De uiteenzetting laat verschillende modellen van teamteaching zien aan de hand van concrete voorbeelden die transfereerbaar zijn naar andere opleidingen en onderwijscontexten. De studenten kunnen aan de slag met methodieken en instrumenten zoals de tekst-trainer, rubrics of (peer)feedbacksystemen die de verschillende docenten kennen en gebruiken.

Ilse Mestdagh & Gerti Wouters

15u30

Wijze lessen voor schrijfvaardigheid

Wijze lessen. Twaalf bouwstenen voor effectieve didactiek van Tim Surma en co. Is een onderwijspublicatie die de laatste jaren op bijzonder veel terechte aandacht en appreciatie kon rekenen. Wanneer ik met beginnende en ervaren leerkrachten in gesprek ga ligt het boek dikwijls naast mij of zit het tenminste klaar in mijn rugzak. De gesprekken die wij dan voeren vertrekken altijd van de lespraktijk Nederlands in een bepaalde klas. Het boek helpt ons tot op bepaalde hoogte verder, we missen echter geregeld een expliciete link met de vakdidactiek Nederlands. In deze workshop verbind ik de lessen uit het boek van Tim Surma met de schrijfvaardigheidsdidactiek aan de hand van voorbeelden en lesideeën.

Peter Van Damme

16u30

ACTAPORT - online taalvaardigheidsportfolio Nederlands in de bacheloropleidingen Wetenschappen aan de KU Leuven

In het ACTAPORT-project is een expliciete leerlijn rond academische schrijf- en presentatievaardigheden voor bachelorstudenten van de Faculteit Wetenschappen van de KU Leuven ontwikkeld. Centraal in de leerlijn staat een online taalportfolio. Daarin verzamelen de studenten hun schrijf- en presentatietaken met de feedback die ze kregen op die taken (1); ze reflecteren over de verkregen feedback (2) en formuleren aandachtspunten voor volgende taken (3). Om de probleemvelden weg te werken, kunnen ze aangepaste online taalleer-modules doorlopen (4). Op die manier kunnen ze de evolutie van hun academische taalvaardigheden doorheen de opleiding stap voor stap opvolgen.
Om de verwachtingen over academische taalvaardigheid duidelijk te maken en de transparantie en continuïteit te bevorderen, zijn in samenspraak met de docenten uit de verschillende wetenschapsopleidingen de evaluatiecriteria samengesteld. Dat is niet alleen nuttig voor studenten, maar het laat didactische teams ook toe om uniforme en consistente taal-feedback te geven doorheen de opleiding. Het geheel wordt ook gevisualiseerd in een online dashboard.

Bert De Groef & Elke Gilin

16u30

Burgerschap en Nederlands, een paar apart?

Op het Deltion College wordt door de leraren vanuit een brede taalvisie gewerkt aan een taalbasis en het plezier in taal vergroot. Er is een beweging ingezet met Vrij Lezen, Nederlands en Burgerschap.
Binnen Nederlands en Burgerschap is een samenwerking tot stand gekomen waardoor studenten langere tijd aan een Burgerschapsthema werken. Langer werken aan een thema zorgt voor verdieping. Wij, een docent Burgerschap en een docent Nederlands, zorgen voor rijke, betekenisvolle teksten en keuze-opdrachten, veelal uit de actualiteit, waar studenten over lezen, nadenken, praten en inzichten met elkaar delen. Studenten ervaren het als uitdagend en motiverend en gaan naar aanleiding van de thema’s ook zelf op zoek. Daarnaast lezen ze in iedere les in een zelfgekozen boek, dat wel bij het thema moet passen.
De burgerschapsdimensies en de domeinen van Nederlands komen ruim aan bod. De studenten verwerken hun resultaten in een portfolio, die ze aan het eind van ieder thema presenteren.
We willen graag inspireren door onze werkwijze te presenteren en ervaringen te delen.

Mieke Iwema & Jeannet Nijzingh

16u30

Controle over onzekerheden? Reflectief leren denken over taalkwesties

Wat gebeurt er als leerlingen een taalkwestie voorgelegd krijgen om in groepen over te redeneren? Op HSN32 en 33 heb ik lesmateriaal laten zien dat ik samen met twee docentenontwikkelteams (één in Vlaanderen en één in Nederland) ontwikkeld heb om reflectief denken bij leerlingen (5 aso en 5 vwo) te stimuleren. Hiervoor heb ik een model ontwikkeld waarin leerlingen via de stappen voelen-vatten-verwerken steeds op een dieper reflectief niveau kunnen toewerken naar een genuanceerd begrip over een taalkwesties waarop geen eenduidig antwoord bestaat. In deze presentatie ga ik in op de ervaringen van de docenten uit de Vlaamse DOT die met dit model gewerkt hebben. Hoe reageren zij op de onzekerheden waarmee hun leerlingen geconfronteerd worden bij het maken van eigen keuzes, zowel in de werkvorm als in de uiteindelijke taalvormen? Waarmee moet je rekening houden als je als docent je leerlingen reflectief wil leren denken over taalkwesties?

Astrid Wijnands

16u30

Creatief schrijven in de klas

Tijdens deze workshop wordt er ingezet op de groepsdynamiek en op creativiteit. Een veilige leeromgeving, zorgt immers voor minder remming en zelfcensuur. Je gaat aan de slag met woorden en associaties en leert dat werkelijk alles een bron van inspiratie kan zijn. De oefeningen zijn activerend. Wie dacht dat een schrijfworkshop zich altijd afspeelt achter een bureau, heeft het mis.
Je krijgt ook een heleboel tips & tricks mee over hoe je zelf aan de slag kan kan gaan met taal, op een manier die creatief en verrassend is voor je studenten.

Sascha Reunes

16u30

Effectieve leesdidactiek op de lerarenopleiding basisonderwijs

Samen op zoek naar mogelijkheden om een effectieve leesdidactiek op de lerarenopleidingen basisonderwijs te ondersteunen.
Eerst een korte inleiding over de ‘missie’ van de Taalraad (‘Een geïntegreerde en structurele aanpak voor het leesonderwijs, de urgentie is hoger dan ooit.’) en over de actiepunten. Daarna een korte weergave van de resultaten van gesprekken die de Taalraad met vijftien lerarenopleidingen basisonderwijs hield, over hun noden en wensen ten aanzien van het leesonderwijs.
Vervolgens gaan we met de deelnemers aan de slag rond deze noden en wensen: herkennen zij die noden en wensen?, wat moet er op de lerarenopleidingen gedaan gaan worden aan de effectieve leesaanpak? (en dat concreet proberen te maken) en hoe moet dat geïmplementeerd worden? (en dat concreet maken).

Bernard Bloem & Jan Rijkers

16u30

Gezelle.be: dichter, erfgoed en digitale beleving in de klas

Op gezelle.be brengen we het publiek in contact met Guido Gezelles literaire erfenis en tonen we de maatschappelijke relevantie van de dichter. Het digitale belevingsplatform biedt ook nieuwe kansen om authentiek bronnenmateriaal in de klas te brengen. Samen met de KU Leuven en de lerarenopleidingen van Vives en Howest, het Poëziecentrum en dichteres Lies Van Gasse ging het educatieve team van de Openbare bibliotheek Brugge op zoek naar originele invalshoeken en prikkelende werkvormen om Gezelle te integreren in het onderwijsprogramma. In “atelier Gezelle” zetten we ons erf-goedmateriaal ook educatief in binnen het kunstonderwijs. Verder zoemen we samen met hedendaagse dichters in op maatschappelijke thema’s als ecologie: wat maakt Gezelle nog actueel en zo bijzonder vergeleken met tientallen andere vergeten natuurdichters?

Els Depuydt & Marilyne Watteeuw

16u30

Migratie: een format van geïntegreerde vaardigheden over gevoelige hedendaagse on-derwerpen

Vanuit de didactiek van geïntegreerde vaardigheden is het vak Nederlands de uitgelezen plek om gevoelige actuele onderwerpen genuanceerd te benaderen. Bovendien blijkt dat leerlingen lees – en kijkstrategieën beter hanteren als de inhoud van de teksten voor hen ook persoonlijk zinvol is. Laat het net die onderwerpen zijn, die voor de politiek neutrale docent uitdagend zijn: we houden polarisatie immers liever uit de klas.
Vanuit deze balansoefening werkten we een veelzijdige format rond het onderwerp migratie uit voor de laatste jaren van het secundair onderwijs. Hoe kunnen we aan de slag met zakelijk en literair lezen rond migratie? Hoe kunnen we spreken rond het onderwerp zonder in een polariserend debat te belanden? We focussen in deze lezing op de uitgebreide oriëntatiefase (o.a. vanuit de depolarisatietechniek van filosoof Bart Brandsma), op differentiëren in zakelijk en literair lezen, op een mediawijze aanpak van actuele bronnen, op sociale taalvariatie en framing. Ook tonen we waar co-teaching en vakoverschrijdend werken mogelijk is. De lessenreeks eindigt met een uitgebreide, gedifferentieerde evaluatie via hedendaagse artikels en documentaires die leerlingen zelfstandig en individueel tot een goed einde brengen. De format is een jarenlange work-in-progress, waardoor we ook even stilstaan bij wat niet werkte in het verleden, en aantonen waarom onze laatstejaarsleerlingen de lessenreeks zo positief evalueren.

Ine Corteville & Lieve De Bel

16u30

Praten over fictiefragmenten: de werkgroep en de website

In de media is er steeds meer aandacht voor de leesvaardigheid van leerlingen en het bevorderen van lezen bij jongeren. Ook de leden van de werkgroep Praten over Fictie-fragmenten zijn zich ervan bewust, dat lezen niet altijd een populaire tijdsbesteding is van jongeren, maar ook dat fictie niet altijd een volwaardige plek op het programma heeft. Wij denken dat het belangrijk is, dat leerlingen binnen de lessen Nederlands kunnen ervaren hoe je kunt opgaan in boeiende teksten. Daarnaast moet er ruimte zijn om de authentieke leeservaringen bij dergelijke teksten uit te wisselen en te verdiepen.
Met de werkgroep Praten over Fictiefragmenten zijn we met deze bevindingen aan de slag gegaan en we hebben ons daarbij de volgende vragen gesteld. Welk materiaal is geschikt voor verschillende leerwegen en leerjaren in het vmbo en de onderbouw van havo/vwo? Welke soorten vragen stimuleren een open, exploratieve bespreking? Welke mogelijkheden zijn denkbaar voor de inpassing van ons materiaal binnen een complete leerlijn fictie? Tijdens onze presentatie zullen wij ingaan op onze zoektocht naar de antwoorden op deze vragen. Daarnaast zullen we ook de eerste praktijkervaringen van Praten over Fictiefragmenten met jullie delen.

Hans Goosen & Mara Rooijmans

16u30

Project podcasting

Bij de term ‘podcasts’ denken we in eerste instantie aan informatieve programma’s of interviews waarbij liefhebbers met veel passie over hun favoriete onderwerp vertellen. De laatste jaren pakken radiostations en platformen ook uit met fictie, met ‘De brand in het landhuis’ en ‘De Blankenberge tapes’ als bekende Nederlandstalige voorbeelden. Heel vaak spelen de makers bij deze verhalen met de grens tussen feit en fictie.
In deze sessie we presenteren een concrete lessenreeks rond taalvaardigheid die tot stand kwam in samenwerking tussen de KU Leuven (Gino Bombeke en Mirjam Eren) en het Paridaensinstituut (Piet Creten en Sven Tuerlinckx). Het uitgangspunt is ‘BOB’, de podcast van audiocollectief Schik, de verwerking is een gedifferentieerd pad rond filosofie, wetenschap, persoonlijke beleving en de opbouw van een podcast.

Mirjam Eren & Piet Creten

16u30

Terug in de boekenkast: hoe wordt de wereld weerspiegeld in kinderboeken? Onderzoek naar genderstereotypering en heteronormativiteit.

Vader, moeder, broer en zus. Vader komt thuis van zijn werk en begint aan het lezen van de krant, terwijl moeder het eten kookt. Broer en zus spelen buiten; hij met de bal, zij met de pop.
Het klinkt als een gezellig tafereel, maar wat zich afspeelt is niet neutraal te noemen. De karakters in deze schets voldoen aan de genderstereotype rolverdeling: de man werkt en de vrouw doet het huishouden. Het jongetje speelt wild met een voetbal, het meisje zit rustig met een pop in de hoek. Wat opvalt is dat veel boeken voor kinderen van 6 tot 12 jaar, in meer of mindere mate, dit soort rolpatronen bevatten. Voor mijn onderzoek heb ik 120 boeken uit de AVI-reeksen (AVI Start t/m AVI Plus, vanaf 2008) van vier verschillende uitgeverijen gecodeerd en geanalyseerd en auteurs geïnterviewd, teneinde een uitspraak te kunnen doen over de mate van genderstereotypering en heteronormativiteit in relatie tot de ontwikkelingen in de samenleving. In welke mate geven de materialen een actuele representatie van de wereld om ons heen? Kunnen alle leerlingen in de klas zich aan deze teksten spiegelen?
In mijn bijdrage ga ik in op de resultaten van het onderzoek, de implicaties voor de onderwijspraktijk en gaan we met elkaar in gesprek op basis van een werkvorm.

Nick de Vos

16u30

Twaalfwekenplan: actieve lees- en schrijftraining

Leerlingen die minder taalvaardig instromen in het secundair onderwijs hebben binnen ons onderwijssysteem vaak minder kansen op studiesucces. Wat als een extra inspanning voor lezen en schrijven in het begin van hun opleiding voor sommige van die leerlingen echt het verschil kan maken? We stellen ons experiment met het twaalfwekenplan lees- en schrijftraining voor. Drie keer per week geven we twintig minuten tot een half uur schrijftraining. Daarnaast besteden we even veel tijd aan leesactiviteiten met tekstonafhankelijke opdrachten. We starten bij alle leerlingen voor schrijven in de zone van de naaste ontwikkeling en voor lezen vertrekken we vanuit het interesse-klasprofiel. We doen dat twee keer per week tijdens de Nederlandse les en een keer telkens tijdens een andere les of over de middag met tutors uit een ander leerjaar. Wij hopen leraren te vinden die hun handboek even durven los te laten om samen met ons dit twaalfweken-plan uit te proberen.

Barbara Axters